zaterdag 24 juni 2017

24 juni 2017: Lécluse-Arras (28 km)

We namen de trein van Arras naar Douai en vanuit Douai namen we dan de bus naar Lécluse.
Aangezien de vroegste bus vanuit Douai naar Lécluse pas vertrok om 12h22, moesten we in Arras pas iets na elf uur de trein naar Douai nemen. We parkeerden onze wagen onmiddellijk bij het eindpunt van de tocht aan de boorden van de Scarpe in het noorden van Arras (Saint-Nicolas) en namen ruim de tijd om door de binnenstad van Arras naar het station te wandelen en de stad te verkennen. Op zaterdag is het marktdag in Arras en er was dus heel wat volk. Dit was mijn eerste kennismaking met de hoofdstad van het departement Pas-de-Calais en de eerste indruk was heel positief: een warme, gezellige stad met enkele mooie pleinen: Place des Héros en Grand’Place en zeker niet te vergeten: het stadhuis en Belfort.
We startten onze tocht dus pas om halftwee in Lécluse in de vallei van de Sensée. Via Sailly-en-Ostrévent stapten we naar Boiry-Notre-Dame. Onderweg passeerden we “Les Bonnettes”: een mysterieuze plek. Boven op een kleine bult in het landschap tussen Sailly en Boiry-Notre-Dame staan hier een aantal in een ronde opgestelde stenen. Stonehenge in miniatuur? Ik herinnerde me deze plek van een tocht uit 2012 (zie verslag).
In Boiry-Notre-Dame pauzeerden we eventjes in het café van de camping. Via een mooie veldweg ging het daarna bergop naar het wat hoger gelegen Monchy-le-Preux. In het dorpje staat een “Caribou” ter ere van de “Newfoundlanders” die hier in de omgeving sneuvelden tijdens de eerste Wereldoorlog. Ik vind het alleszins een prachtig gedenkteken en monument : een trotse kariboe van brons boven op een rots. Wat verderop tussen de velden liggen enkele Britse militaire begraafplaatsen, de eerste zichtbare littekens van de oorlog die we passeerden langs de GR121. Monchy-le-Preux ligt op een heuvel in de vallei van de Sensée en de Scarpe op amper tien kilometer van Arras en was dus strategisch belangrijk. Tijdens de oorlog woedde er een hevige stijd rond Arras, dat het hard te verduren kreeg en bijna volledig werd vernield. Voor ons beneden in de vallei van de Scarpe zagen we het kerkje van Fampoux. We passeerden eerst nog de drukke autoweg A1 (Lille-Paris) en de TGV-lijn richting Paris.
Vanuit Fampoux stapten we langs de oevers van de Scarpe naar Arras via Athies en Saint-Laurent-Blangy.










zaterdag 17 juni 2017

17 juni 2017: Montigny-en-Ostrévent - Lécluse



17 juni 2017: Montigny-en-Ostrévent – Lécluse (FR) (GR121) (30 km)

Om 6h39 busje in Lecluse naar Douai en dan vanuit Douai de trein naar Montigny-en-Ostrevent. De chauffeur zette ons af bij het station alhoewel dit geen officiële halte was van deze buslijn. Mijn fototoestel had ik op de bus vergeten. Dus heb ik dan maar foto’s genomen met de smartphone. In Montigny eerst een koffietje in de bar/tabac bij het station en dan op weg.
Vanuit Montigny-en-Ostrévent wandelden we eerst in zuidelijke richting via Lewarde en Bugnicourt tot Aubigny-au-Bac. In Lewarde lieten we definitief de mijnstreek van “le Nord” achter ons. De GR121 passeert niet tot bij het “Centre historique Minier” maar wij verlieten toch eventjes het GR-pad om tot bij deze site te komen. Ik had een vreemd gevoel om deze vroegere mijnsite te ontdekken in een vredige, agrarische regio ver weg van de cités van Arenberg en Pecquencourt.  Merkwaardig is dat de mijnstreek in het noorden van Frankrijk zich van Bruay (in het westen) uitstrekte tot Valenciennes (in het oosten) over een lengte van 120 kilometer, maar slechts over een smalle breedte van maximum 12 kilometer.
In Aubigny-au-Bac stapten we dan westwaarts door de groene “vallei van de Sensée” via Palluel naar Lécluse. Dit is een mooie, groene regio en een waterrijk gebied met heel wat moerassen, vijvers en kanalen en dus een geliefkoosd terrein voor sportvissers. Rond deze vijvers en moerassen liggen heel wat campings met caravans en chalets met een bijwijlen slordige aanblik. Deze regio, gelegen tussen Douai en Cambrai hadden we eigenlijk al  meermaals bewandeld (zie vallée van de Sensée).










zaterdag 10 juni 2017

10 juni 2017: van Saint-Amand-les-Eaux naar Montigny-en-Ostrévent (FR) (GR121) (45 km)

Door de bossen en de vroegere mijnstreek van “le Nord” en het “Parc naturel Scarpe-Escaut”.
Het werd een heel “speciale” dag. De geplande 35 kilometer werden er uiteindelijk 45. De treinrit van Montigny naar Raismes kregen we cadeau van de SNCF want de batterijen van de controleur waren “plat”, een cadeau van ruim 10€.
We wandelden over kaarsrechte dreven door de bossen van Saint-Amand-les-Eaux en Marchiennes en over enkele terrils: in Raismes met panorama over “Mare à Goriaux” en over de Terril de Rieulay. Er was een mooie passage door de vroegere cités van Arenberg en een stukje over de bekendste kasseistrook van Paris-Roubaix met de mythische naam: ” La Drève des Boules d’Hérin”. Deze kasseistrook is bij ons beter gekend als de strook van het Bos van Arenberg.  Ik vraag me af welke adrenalinestoot de renners hier voelen wanneer zij het bos in “duiken” en zich door de menigte van joelende supporters wringen. Dit moet volgens mij enorm zijn: iets voor de echte kampioenen. Bij het begin van de kasseistrook staat erveen gedenksteen ter ere van oud-renner en ex-wereldkampioen Jean Stablinski. (verslag wandeling vanuit Raismes)
In Arenberg dronken we na 9 kilometer een koffie in het café “au Puits n°3”. De enorme schachtbokken, de terrils en de cités blijven voor mij indrukwekkende getuigenissen van het verleden van deze regio. Het aanzicht doet mij spontaan denken aan het chanson van Pierre Bachelet : “Les Corons“.
In Warlaing was het schoolfeest aan de gang en we wilden er iets drinken en een broodje worst eten. De verantwoordelijke voor de tickets bleek echter spoorloos. We wachtten gedwee omze beurt af samen met enkele andere dorstigen. Uiteindelijk duurde het wachten ons te lang en trokken we verder. We vulden dan maar onze maag met enkele restantjes van onze rugzak.
In Marchiennes dronken we na ruim 30 kilometer onze eerste frisse pint. Ruim verdiend oordeelden we zelf. Er waren enkele cafés, maar veel keuze hadden we niet want de meest zaken waren gesloten. De patron van het café “Central” bleek een fervent supporter van Racing Club de Lens. Toen hij hoorde dat wij uit Vlaanderen kwamen, vertelde hij trots dat hij zelf ook Vlaamse roots had. Zijn vader was afkomstig uit Vlaanderen: van Munkzwalm (près de Gand). Na de oorlog was zijn vader met zijn gezin naar het Noorden van Frankrijk verhuisd. Wat later bleek zelfs dat hij ook “Reynaert” heette. We toonden elkaar spontaan als bewijs onze paspoorts.  Het was inderdaad een “speciale” dag: een naamgenoot in Frankrijk. Ik werd omgedoopt tot zijn “frère” en hij  trakteerde ons op een extra pint, en showde ons nog met een zeker fierheid een koerstruitje gesigneerd door Tom Boonen.
Na ons leuke bezoek aan Marchiennes vervolgden we onze tocht langs de oevers van de Scarpe. Via de cités van Pecquencourt bereikten we het stationnetje van Montigny-en-Ostrévent.
Na de wandeling dronken we nog iets fris in het café bij het station.
Vandaag werd duidelijk dat het GR121-traject in Frankrijk her en der werd aangepast (deze keer vooral rond Arenberg) en dat ik niet over de recentste GPX-track (gedownload van GR-infos ) beschik. Een gegeven waar we ook de komende etappes rekening mee moeten houden. Het parkoers was echter zeer goed aangegeven met de rood-witte tekens zodat we probleemloos het goede pad konden volgen.
Enkele foto’s: GR 121 Le Nord